Gisteravond lag ik nog even te luisteren naar Dan Browns The lost symbol (die code is van Amazon, ik ben geen affiliate). Bij één stukje dacht ik van: “goed verhaal, lekker kort”. Maar dat ging over het analyseren van de content die op een bepaald moment gecreëerd wordt door een groep om zo de stemming te bepalen. De stemming van een land na een aanslag bijvoorbeeld. Je kan dan kijken naar het taalgebruik op internet, positieve of negatieve woorden etc.
Het zou grappig zijn om deze “stemming” of in ieder geval de analyse te gebruiken bij het voorspellen van beurskoersen. Of überhaupt de opening van de beurs, of deze positief of negatief is. Het lijkt me theoretisch niet onmogelijk, ook al was het in “The lost symbol” sience fiction.
Je zou dan een lijst moeten maken van relatieve websites, forums, weblogs, communities, etc. Vervolgens zou je de tekst van afgelopen nacht moeten ophalen van die websites. Dit zou zelfs per aandeel kunnen. Deze informatie analyseer je en daar koppel je acties aan bij een beleggingswebsite. Ook is het nog mogelijk om het systeem te laten leren. Want de koersen zijn ook prima op te halen. Wie o wie lijkt het leuk om deze AI-software te schrijven. Het kan een “autonome” belegbot worden. “Alles kan”, moet je dan maar denken.
Mensen doen graag wat terug. Dus als jij iets voor iemand doet, heeft deze persoon onderbewust een schuldgevoel. Zelf gaf hij het voorbeeld van jochies die kaarten voor vijf dollar aan de deur verkochten. Als dat aanbod werd afgeslagen en vervolgens boden de jongens een reep chocola aan voor één dollar. Zonder het eerste aanbod had hij de chocola nooit gekocht. Hij had het verder onderzocht en als je random mensen kerstkaarten stuurt, sturen heel veel mensen een kaart terug.
Toezegging en consequentie. Als je mensen iets toe laat zeggen, zullen ze het eerder doen. Bij restaurantreserveringen per telefoon bijvoorbeeld. Als je zegt “blabla even terugbellen als je toch niet komt blabla”. Is dat minder effectief dan mensen de vraag “Belt u even als u toch niet wilt komen?” met ja laten beantwoorden.
Sociaal bewijs. Als er een schaap over de dam is, dan volgen er meer. Zeer succesvol was het veranderen van “Onze telefonistes wachten op uw telefoontje” in “Als onze telefonistes in gesprek zijn, probeer het alsjeblieft later nog een keer.”
Autoriteit. Testimonials? Wat hier ook onder valt volgens Cialdini is in je aanbieding eerst een zwak punt noemen om vervolgens de andere punten te laten schitteren.
Geliefd zijn. Viral marketing.
Schaarste. Aanbiedingen die beperkte tijd beschikbaar zijn. In marketing kan je hier dus denken aan een ‘uitverkoop’. Maar je kan het nog iets schaarser maken door een beperkte groep mensen uit te nodigen. Die horen bij de club en voelen zich speciaal.
Lucas kan het wel, meerdere dingen tegelijkertijd doen.
Maar als je met één activiteit in “de flow” komt, dan is dat veel effectiever.
En soms is dat fijner. Andere keren weer niet. Als je iets gedaan wil hebben moet je een lijstje afwerken. Tijd doden kan je het beste in alle drukte doen, doe je er lekker lang over.
Verder is het resultaat vaak mediocre als je je niet volledig gefocust. En dat is weer te lezen/zien in deze post.
Jan Benjamin (waarom is janbenjamin.nl nog vrij?) schreef in de NRC.Next van vandaag een interessant stuk over de verdiensten van sociale netwerksites zoals Hyves, Linkedin, Facebook & MySpace. Ondanks dat de netwerken ontzettend populair zijn, leveren ze bijna geen geld op.
Een headline van hem is dat het door de crisis niet lukt. Volgens mij is dat niet de hoofdreden, want er wordt, nog steeds, steeds meer besteed aan marketing online.
Het probleem is dat het model ‘flawed’ is. Hyves doet het goed volgens mij omdat de campagnes daar een zijn met de content. Zoals de campagne met de Russische gangsters. Maar gewone advertenties (tekstlinks, banners, etc.) werken niet om de volgende reden: het netwerk is de eindbestemming van de gebruiker en hoeft nergens naartoe. Als een bezoeker zoekt met Google of startpagina.nl opent, is het omdat ze ergens anders naartoe willen. Dus zullen ze veel eerder een (betaalde) link aanklikken. Hyves is een doel op zich, dat je vindt met Google bijvoorbeeld.
Geen wonder, zegt hij, dat Facebook voor advertenties minder dan 1 dollar per duizend bezoekers krijgt (vergeleken met 20 dollar op grote mediasites).
Reden twee dat het bedrag zo laag is, is dat het volgens mij niet per bezoeker is, maar per view (CPM, cost per mille). Dus elke keer als een nieuwe pagina opgevraagd wordt door een bezoeker, is dat een view. Op dit soort websites, genereert elke bezoeker tientallen of misschien wel honderden views per bezoek (als elke vergroting van een foto bijvoorbeeld ook een view is).
Zo, vandaag naast mijn declarabele uren ook een paar uur aan mijn beste idee sinds 2005 besteed (toen starte ik Pear Online volgens mij).
The Art of the Start van Guy Kawasaki er maar weer eens bijgepakt. De volgende punten heb ik even overdacht en in een presentatie gezet zodat het wat helderder werd en ik geen dingen over het hoofd zie. Het gaat dan over:
Problem;
Solution;
Business model;
Underlying magic;
Marketing & sales;
Competition;
Management team;
Financial projections;
Current status;
Leuk dat je dan toch wel op de feiten wordt gedrukt. Maar het ziet er alsnog goed uit wat mij betreft.
Tijdens verder onderzoek kwam ik een onderzoek van All things spatial tegen. Daar werken ze met ‘multiples’. Ze bekeken bij een aantal bedrijven hoeveel keer de maandelijkse bezoekers de jaaromzet is.
Facebook has reportedly 100 million monthly users and attracts revenue of $350+ million per annum. The ratio of annual revenue to monthly traffic is 3.5. Or, in other words, total annual advertising revenue equates to $3.50 per each monthly visitor.
Leuk om mee te rekenen. Dit is overigens alleen haalbaar als er veel aanbieders van advertenties in je markt zijn én je de advertenties zelf beheeft. Bij AdSense van Google is de multiple vaak maar ’0,2′ of zo. Tricky vind ik wel wat als bezoekers per dag uniek zijn (daar wordt meestal in gemeten) ze dit natuurlijk niet per maand (hoeven) zijn.